zaterdag 25 juni 2022

Een week vol ontmoetingen

Deze week in Liberia was een week vol ontmoetingen. Ontmoetingen met vrienden, oude bekenden, nieuwe onbekenden, Liberianen, Nederlanders.

Goed was het weerzien met mijn oude NDI-collega Varney. Hij is na tien jaar NDI van baan veranderd en werkt nu bij Democracy International. Deze club is bezig een curriculum democratie en burgerschap te ontwikkelen voor het onderwijs in Liberia. Leerlingen leren hoe de democratie in Liberia in elkaar zit, werkt en zou moeten werken. Dat vak bestaat nu nog niet en is hard nodig, uitgaande van de veronderstelling dat ‘democratische waarden’, uiteraard toegespitst op de Liberiaanse situatie, het best van jongs af aan bijgebracht kunnen worden. Leidend is het teach the teacher principe. Eerst wordt er een proef gehouden op een aantal scholen in Monrovia - en ver daar buiten - om te testen of de ontwikkelde leermiddelen en de inmiddels getrainde Liberiaanse onderwijzers aan de verwachtingen voldoen.


Vanaf het moment dat ik in april 2012 in Liberia voor NDI begon te werken, hebben Varney en ik een productieve en kameraadschappelijk band opgebouwd. Hij kent iedereen in politiek Liberia, deed deuren openzwaaien en kan met smaak vertellen over zijn studietijd in het ijskoude Finland. Op een terrasje deelden we ervaringen en verorberden we, met zijn 10-jarige zoon Armah, machtige pinda-bananen-shakes.

Gewekte verwachtingen niet waargemaakt

Deze week hield de Liberian Netherlands Business and Culture Council (LNBCC) een receptie vanwege het driedaagse werkbezoek van Bram van Opijnen, de eerste secretaris van de Nederlandse Ambassade in Ghana, waar Liberia onder valt. Het beleid m.b.t. ontwikkelingssamenwerking van de Nederlandse regering richt zich op 27 landen, maar Liberia hoort daar -helaas- niet bij. In juli 2015 bezocht toenmalig minister Ploumen Liberia. Daarbij werden verwachtingen gewekt die, mede op grond van een nogal misleidend persbericht van de Rijksdienst voor ondernemend Nederland, niet zijn waargemaakt. Zie daarvoor mijn blog van 11 juli 2015, waarin ook verwezen wordt naar mijn opiniebijdrage in de Volkskrant van 30 mei 2015.

Uit gesprekken maakte ik op dat Van Opijnen de toen gewekte verwachtingen nu niet kwam opwarmen. Toch is het altijd nuttig als de Nederlandse ambassade af en toe ‘zijn gezicht’ laat zien in Liberia. De weinige contacten die er bestaan tussen Nederland en Liberia kunnen een duwtje in de rug altijd gebruiken.

De band tussen Nederland en Liberia wordt overigens wel met zorg in stand gehouden door Nederlandse NGOs die in Liberia al jaren actief zijn. Een paar daarvan waren ook op de receptie aanwezig. Zoals de organisatie Manneka , die zich onvermoeibaar inzet met o.a. water- sanitatie- en hygiëne projecten. En ZOA, dat zich o.a. richt op onder schooltijd lokaal verbouwde, voedzame maaltijden voor kinderen.

This, Too is Liberia

Het was trouwens ook weer eens tijd om mijn goede vriend Jimmy Shilue te ontmoeten, de grote man van P4DP, het Platform for Dialogue & Peace. Deze Liberiaanse NGO heeft allerlei projecten om Liberia ook daadwerkelijk een Post-Conflict Country te laten zijn. Zoals het voorlichten van lokale gemeenschappen dat justitie en politie ook hen ten dienste staan, conflictbemiddeling en het slechten van etnische spanningen die er sinds de burgeroorlog in sommige provincies nog bestaan. Het was goed Jimmy en Rachael Kamara weer eens te spreken. Rachael is de weduwe van de vermaarde Liberiaanse journalist Tom Kamara. Gedrieën hebben wij vorig jaar, in coronatijd, This, Too is Liberia uitgebracht. In dit boek staat een selectie van de artikelen die Tom tussen 1995 en 2012 voor diverse media heeft geschreven. Het boek is inmiddels op zo’n tien adressen in Monrovia te koop en het werd tijd om de verkoopstrategie nog eens goed met elkaar door te nemen! Lezers van dit blog kunnen een exemplaar via mij bestellen. Klik hier voor meer informatie.


Tenslotte kon ik eindelijk Neena, de baby van Milton en zijn vriendin Tina bewonderen. Milton is een van de Liberianen die we al jaren kennen, hebben gesteund met zijn studie en andere pogingen om een bestaan op te bouwen. Het grote nieuws van de geboorte van hun dochter was via de digitale boodschapper al vooruitgesneld, maar hen in levenden lijve te ontmoeten was hartstikke leuk.

zaterdag 18 juni 2022

Verkiezingskoorts neemt toe in Liberia

Ik ben weer terug in Liberia om bij te dragen aan NDI’s programma dat luistert naar de fraaie naam ’Fostering Citizen-Responsive Policies and Legislative Processes’. Oftwel het stimuleren (want dat is het meer dan fostering > koesteren) van een open en productieve relatie tussen parlementariërs en burgers. En dat betekent dat NDI burgergroepen traint hoe ze op een effectieve manier parlementariërs kunnen benaderen en beïnvloeden en begrijpen hoe parlementaire structuren en mores werken. En ‘aan de andere kant’ parlementariërs probeert bij te brengen dat het nuttig voor hen én de democratie is als zij open staan voor deze stemmen van onderop en in hun werk daartoe ook openingen biedt.



NDI heeft het afgelopen jaar al het nodige georganiseerd om burgergroepen en politici bij elkaar te brengen. Mijn inbreng is er deze weken vooral opgericht dat parlementariërs zich een werkwijze gaan eigen maken die ervoor zorgt dat het geluid van de straat ook wordt gehoord – én er iets mee gedaan wordt. Dat kan op vele manieren. Allereerst is het zonneklaar voor iedereen in Liberia wat de grootste, met elkaar samenhangende problemen zijn: de armoe, de slecht functionerende gezondheidszorg, het haperende onderwijs, de werkloosheid, falend economisch beleid waardoor de vele grondstoffen voor een appel en ei door multinationals het land worden uitgevoerd enz. Elke fractie zou haar inspanningen, haar strategie en werkwijze moeten laten leiden door de vastberaden wil om deze problemen aan te pakken. Dat gebeurt nu veel te weinig. De oppositie is er vooral op gebrand de regerende partij pootje te lichten – en andersom.

Verder zouden partijen veel actiever moeten zijn om het parlement ‘opener’ te laten functioneren door middel van publieke hoorzittingen, ‘fact finding missions’ die het land in gaan, tijdig de agenda, voorstellen en besluiten te publiceren enz.  

Nu krijgen veel parlementen in de wereld -vaak terechte- kritiek, ook in Nederland. Maar de aard én oorzaak van de problemen waar Liberia mee te maken heeft verschillen van dag tot nacht met die van bijvoorbeeld Nederland.


Weah onder vuur


Volgend jaar zijn er weer presidents- en parlementsverkiezingen. En deze werpen hun schaduw al ver vooruit. De zittende president George Weah, leider van de Coalition for Democratic Change (CDC), zal ongetwijfeld een tweede termijn willen. Als je op de cijfers afgaat heeft zijn tot nu toe 4,5-jarige regeerperiode weinig vooruitgang gebracht. En niet alleen de cijfers vertellen dat. De situatie op straat, in de sloppenwijken en op de markten laten dat zien. De verklaringen zijn velerlei. Natuurlijk, ook Covid heeft hier gewoed en de internationale gevolgen van de Russofascistische inval in Oekraïne laten zich ook in Liberia gelden. Hoge inflatie en dus hoge prijzen. Dat neemt niet weg dat Weah, die niet bekend staat als een sterk en visionair politicus, de corruptie niet aanpakt, de wonden van de burgeroorlog laat dooretteren en zijn op zich goed ontvangen Pro-Poor Agenda laat versloffen.


George Weah (rechts) op campagne in 2017

Weah richt zich nu vooral op ‘window-dressing’ projecten zoals de aanleg van enkele ’s avonds felverlichte sportparken en het verbreden van een van de weinige, geasfalteerde wegen in het land. Hij omringt zich met ministers en adviseurs die, evenals hijzelf trouwens, regelmatig onder vuur liggen vanwege corruptie en wanbeleid.

Nu heeft Liberia een rijke traditie van forse beschuldigingen die over en weer heenvliegen in het politieke spectrum, daarbij geholpen door een verrassend vrije pers, zonder dat hier ooit enig vervolg aan wordt gegeven. Zo kwam de minister van financiën begin juni onder vuur te liggen, omdat hij $25 miljoen uit het wegenfonds had gehaald om de lonen van ambtenaren te kunnen betalen. Dat daarbij geld in de verkeerde zakken was verdwenen was een van de -tot nu toe- onbewezen beschuldigingen die de ronde deden.


FrontPage Africa, 1 juni 2022

President Weah ligt ook onder vuur. Hanson Kiazolu, de fractievoorzitter van de Unity Party (UP), de grootste oppositiepartij, bekritiseert in een lang interview in FrontPage Africa het wanbeleid van de regering, dat volgens hem niets heeft gedaan tegen de grote armoede waaronder de grote meerderheid van de Liberianen gebukt gaat.

Ex-senator Sando Johnson, een van de trouwe dienaren van dictator/oorlogsmisdadiger Charles Taylor, steunde in 2017 met zijn National Patriotic Party (NPP) in de verkiezingen Weah. De NPP maakt deel uit van de regerende coalitie en partijleider Jewel Howard-Taylor, de ex van Charles, is vicepresident. Nu roept Johnson de kiezers op om van George Weah een One-Term President te maken. Johnson is dan ook verhuisd naar de oppositionele All Liberian Party (ALP), de partij van Benoni Urey, een van de rijkste mensen van Liberia, en ook een bondgenoot van Charles Taylor in de jaren 1990.


Samenwerkende oppositie


Na de overwinning van George Weah en zijn CDC in 2017 sloegen vier oppositiepartijen de handen ineen en vormden een coalitie, de Collaborating Political Parties (CPP). Behalve de hierboven genoemde UP en ALP maakten ook de Liberty Party (LP) en het Alternative National Congress (ANC) deel uit van deze oppositionele coalitie.

Deze CPP had een tijd de wind mee. Bij de tussentijdse senaatsverkiezingen in december 2020 won ze elf van de vijftien zetels die op het spel stonden. Euforie alom bij de oppositie. Vrij zelfverzekerd werd verkondigd dat dit goede resultaat ook zou worden gehaald bij de verkiezingen in 2023. De huid werd al bijna verkocht voordat de beer was geschoten. De beer bleek echter in de CPP te zitten.  Het was nl. niet duidelijk wie de presidentskandidaat van de CPP voor de verkiezingen in 2023 zou worden. Er bleken twee belangstellenden te zijn.

De leider van de UP, verreweg de grootste partij van de CPP, was - en is nog steeds - de 77-jarige Joseph Boakai, die onder de twaalf presidentsjaren van Ellen Johnson-Sirleaf (2006-2018) haar vice-president was. De Amerikaanse politieke veteraan Joe Biden in gedachte, wil Boakai, die in 2017 van Weah in de tweede ronde verloor, in 2023 het nog eens proberen president te worden.


Alexander Cummings

Echter, de leider van het ANC, de 65-jarige Alexander Cummings, heeft dezelfde ambitie. Cummings behaalde in 2017 7,21% van de stemmen. Niet onverdienstelijk voor een nieuwkomer in de Liberiaanse politiek. Cummings had tussen 1997 en 2016 hoge functies in de Afrikaanse tak van Coca-Cola en woonde in die periode in Nigeria. Tijdens de verkiezingscampagne in 2017 voerde hij als enige een zeer inhoudelijke campagne, wat door velen, met name buitenlandse waarnemers, zeer werd gewaardeerd.


Gespleten oppositie


De strijd tussen Boakai en Cummings over wie nu de partijleider -en dus de presidentskandidaat-  zou worden, werd het laatste jaar uitgevochten met over en weer beschuldigingen, al dan niet vervalste CCP-documenten en zelfs twee rechtszaken. De kwestie werd nog gecompliceerder toen de Liberty Party in twee fracties uiteenviel. De ene fractie steunde Cummings en de andere steunde Boakai, die overigens ook door ALP werd -en wordt- gesteund.

De ene rechtszaak spitste zich toe op de kandidaatstelling voor de tussentijdse verkiezing van een Senaatszetel in de provincie Lofa, die op 28 juni a.s. plaatsvindt. Omdat de CCP in twee delen was uiteengevallen werd betwist door de Cummingsgezinden dat de UP met een eigen kandidaat zou kunnen komen. De National Elections Committee, volgens Boakai een door de CDC gecontroleerde club, volgde deze zienswijze. Maar in een rechtszaak die de UP daarna aanspande, werd het oordeel van de NEC vernietigd. De UP kan dus een kandidaat in Lofa leveren, wat overigens een stronghold van Boakai is; hij is daar geboren.

Meteen daarna stopte het openbaar ministerie met de procedure om Cummings te vervolgen, vanwege malversaties die hij zou hebben gepleegd met partijdocumenten. Deze procedure had vijf maanden geduurd, met weinig voortgang, maar bleef wel als een zwaard van Damocles boven zijn hoofd hangen. Ook hierbij werd de CDC ervan beschuldigd op de achtergrond een kwalijke rol te spelen. Het uitschakelen van zowel Boakai als van Cummings zou Weah immers een steun in de rug geven om in 2023 te zegevieren. Cummings had voor zijn verdediging befaamde advocaten ingeschakeld, waaronder Cherie Blair, de vrouw van de Britse ex-premier Sir Tony Blair. Zij beweerde in een pleitnota dat de vervolging van een prominente opponent van Weah een rol speelde in deze zaak.


Cherie Blair


Publiciteitsgevoelig


Cummings voelt zich bevrijd en kon het niet nalaten zijn triomf publiciteitsgevoelig te vieren door een ontmoeting met een oude vriend: de voormalige president van Nigeria Olusegun Obasanjo, die hij tijdens zijn Coca-Cola tijd in Nigeria goed heeft leren kennen. Obasanjo had woorden te kort om Cummings te prijzen als de toekomstige president van Liberia. Hij dichtte hem een grote reputatie in het internationale bedrijfsleven toe. ‘Liberia zal ongetwijfeld profiteren van buitenlandse investeringen, het scheppen van banen en het verhogen van de levensstandaard van de Liberiaanse bevolking’ zo parafraseerde FrontPage Afrika de voormalige Nigeriaanse president over zijn vriend Cummings die hij verzekerde van zijn voortdurende vriendschap en steun.

Ik ben benieuwd welke Afrikaanse staatshoofden Boakai en Weah uit de hoge hoed gaan toveren.


OlusegunObasanjo


dinsdag 18 mei 2021

Boek 'This, Too, is Liberia' gearriveerd in Liberia

Op de laatste dag van mijn verblijf in Liberia kwam een klein gezelschap bijeen om de totstandkoming van het boek This, Too, is Liberia te vieren. Dit boek bevat een selectie van door de befaamde Liberiaanse journalist Tom Kamara geschreven artikelen die tezamen een goed beeld schetsen van de zo bewogen, recente geschiedenis van dit land. Tijdens de lockdown had ik tijd om dit boek te redigeren. Ik kon een beperkt aantal boeken meenemen en dus konden mijn mede-initiatiefnemers het eindelijk vasthouden.

Rachael, de weduwe van Tom Kamara, houdt trots en blij het boek vast. Naast mij staat Jimmy Shilue, vriend van Tom en stimulerende pleitbezorger van het boek. Helemaal rechts Festus Poquie, journalist van The New Democrat, de krant die Tom Kamara oprichtte.

Binnenkort gaan nog veel meer boeken vanuit Nederland naar Liberia. Op 8 juni, de sterfdag van Tom Kamara, zal het boek officieel worden gepresenteerd in Monrovia.

Een beperkt aantal exemplaren blijft achter in Nederland voor de verkoop.

Het boek kost 25 euro. Zie hier voor meer informatie over het boek.

Je kunt het boek bestellen door een e-mail te sturen aan: mailto:tomkamarafoundation@gmail.com. Je krijgt dan een betaallink toegestuurd. Verzendkosten hoef je niet te betalen.


zaterdag 8 mei 2021

Corona virus is real!!!

Afgelopen week was ik, voor het eerst sinds het begin van de COVID-crisis, weer in Liberia. Het Strengthening Political Parties programma waarvoor ik sinds 2018 regelmatig naar Liberia ga, heeft uiteraard behoorlijk vertraging opgelopen, omdat ook in Liberia COVID actief was - en is. Bijeenkomsten, workshops e.d. konden niet worden gehouden en het Liberiaanse NDI-team moest vanuit huis werken.

Omdat ik gevaccineerd ben, en er langzamerhand toch weer activiteiten en bijeenkomsten plaats konden vinden, vloog ik zondag 2 mei vanaf Brussel naar Monrovia. Volgens de Belgen moest ik mij voor vertrek laten testen. Dat deed ik in Amsterdam bij zo’n ‘cowboy club’ TestsnelCovid, waar ik voor 95 euro een test plus reiscertificaat kon halen. De testlocatie was gevestigd in een met houten schotten afgetimmerd deel van een bakkerij (!) in Amsterdam-West waar een uiterst ongeïnteresseerd type mij ontving. Wat een verschil met de GGD-locatie, eveneens in Amsterdam-West, waar ik twee weken eerder mijn vaccinatie haalde en in alle vriendelijkheid zeer professioneel werd geprikt in een goed verzorgde omgeving.


Tandarts Stelzer sneltest


Een dag later ontving ik van TestsnelCovid het heugelijke nieuws dat ik negatief was getest. De brief was ondertekend door ene Drs. J.O. Stelzer, met vermelding van zijn BIG registratie. Bij naspeuring op internet kwam ik uit bij tandarts Jan Stelzer van Tandartspraktijk Rembrandt uit Amstelveen (directeur: Chantal Stelzer). Branchevervaging is wijd verspreid als er snel geld kan worden verdiend.

Op Brussel Airport aangekomen bleek niemand mijn sneltestresultaat te willen zien. Niet bij het inchecken en niet bij het instappen, waar zoals gebruikelijk de stewardessen je met alle egards de weg naar je stoel wijzen. De stewardess die ik daarop aansprak vond het ook onbegrijpelijk dat er bij het inchecken niets was gevraagd. Dus zat ik tijdens die vlucht van zo’n 8 uur in een goed gevuld vliegtuig met wellicht geteste, maar daarop niet gecontroleerde medepassagiers.

In Monrovia aangekomen moest iedereen zich laten testen. Dat ging op zijn Liberiaans langs vijf loketten en bureautjes, waarvan de eerste een bank was waar ik 75 dollar voor de test moest deponeren. Dit verliep overigens allemaal vrij vlot. Minder vlot verloopt de uitslag van de test, want die moet ik nu, zes dagen later, nog steeds ontvangen.

Inmiddels, als ik dit schrijf, heb ik mijn derde test binnen 8 dagen (voor wederom 75 dollar) alweer te pakken, want om het land uit te komen, word je ook geacht COVID-vrij te zijn. Deze test vond plaats in een aan het stand gelegen Union Treatment Center, dat overigens beter geoutilleerd was dan de test locatie van die tandarts in Amsterdam-West. Deze keer is het resultaat wel op tijd binnen: negatief.

Testlocatie in Monrovia

Overigens zijn mensen met een diplomatenpaspoort vrijgesteld van testen. Zouden diplomaten per definitie immuun zijn?  (Wel natuurlijk volgens de Wappie-theorie: dat ze deel uitmaken van het wereldwijde complot van de elite om COVID-angst aan te wenden, de wereldbevolking zo onder de duim te houden, en er hun vriendjes ook nog goed aan te laten verdienen…).


Corona virus is real!!!


In Liberia, althans in de hoofdstad Monrovia waar ik deze week verbleef, wordt overigens flink aandacht besteed aan de gevaren van COVID. Affiches sporen de Liberianen aan om handen te wassen en een mondkapje te dragen. Over de drukste weg van de stad hangt een spandoek: met een citaat van H. E. Dr. George Manneh Weah (geen tandarts, maar president) CORONA VIRUS IS REAL!!! Bij publieke gebouwen, hotels, restaurants en supermarkten staan ontsmettingsmiddelen.


Dat er zo gehamerd wordt op beschermende maatregelen is overigens goed te begrijpen. De ebola-epidemie van 2014/ 2015 staat nog iedere Liberiaan in het geheugen gegrift. Op straat voor de hekken van overvolle ziekenhuizen stierven mensen. Zo’n 5000 geregistreerde ebola-doden telde het land. De paniek was enorm groot en de besmetting levensgevaarlijk. De COVID-epidemie lijkt daarbij vergeleken minder schokkend en aangrijpend. En zo op het oog (en oor) minder verspreid. Niet één Liberiaan die ik sprak kende iemand die COVID had gehad. Nu is het altijd uitkijken met dit soort waarnemingen, want malaria is veel voorkomend en symptomen kunnen vergelijkbaar zijn.


Is Afrika een risico of leermoment?


Er wordt gelukkig wél gevaccineerd in Liberia. In maart ontving het land 96.000 doses AstraZeneca vanuit het COVAX-programma. En er wordt een levering van 384.000 doses binnenkort verwacht. Een eerste begin in dit land waar ca. 4 miljoen mensen wonen. Het vaccin is gratis en op afspraak te halen. Ook Chinezen doen een duit in het zakje met het schenken van o.a. 180 ventilatoren, 50 zuurstof tanks, 19.400 mondkapjes en 100 thermometers.

Maar er heerst twijfel bij veel Liberianen die ik spreek. Je hoort argumenten als dat het virus toch niet wijdverbreid is en dat het warme klimaat hen minder bevattelijk maakt. Berichten in westerse media, zoals het voorpagina-artikel in het NRC van woensdag jl. (Niet vaccineren in Afrika is risico voor hele wereld), worden in Liberia niet gelezen… Wel berichten Liberiaanse kranten, die overigens maar in een kleine oplage verschijnen, over het wantrouwen dat er bestaat tegen vaccineren.

In het NRC van vandaag (8 mei) reageert microbioloog Rosanne Hertzberger hierop. Onder de kop ‘Houd uw medelijden en leer van Covid in Afrika’ relativeert ze voorzichtig de COVID-crisis die Afrika zou bedreigen. Ik ben microbioloog noch viroloog, maar zie in Liberia, een klein, arm land in dit enorme continent dat te makkelijk over één kam wordt geschoren, dat het vooralsnog (?) mee lijkt te vallen.      


Malversaties?


In de Liberiaanse senaat waren deze week veel kritische geluiden te horen over een rapport van de Presidential Taskforce on Covid-19, waarin werd gesteld dat 2,3 miljoen mensen voedselhulp hadden ontvangen, in de vorm van rijst, bonen en bakolie. Het gaat dan om kwetsbare families die in armoede leven en van de economische neergang vanwege COVID extra te lijden hebben. Het parlement had daarvoor 25 miljoen dollar ter beschikking gesteld, in samenwerking met het World Food Program van de VN. Uiteraard moest de distributie plaatsvinden door tussenpersonen, en daar heeft de oppositionele meerderheid in de senaat haar pijlen op gericht. Die tussenpersonen zouden daar buitensporig van geprofiteerd hebben. Zoals vaak werden in de senaat geen bewijzen geleverd voor de malversaties en ging men af op geruchten. De voorzitter van de taskforce ontkende uiteraard. Cynici merkten op dat de senatoren zich stil zouden hebben gehouden, als ze zelf ook wat graantjes mee hadden kunnen pikken.

Echter, een paar dagen later werd de ‘regeringscommissaris’ van een district in de provincie Grand Cape Mount op staande voet ontslagen, omdat hij met de voedselhulp gesjoemeld zou hebben.

Maar dat is helaas een bekend patroon. Als er gevallen van corruptie zijn, en die zijn er volop, en er is veel publiciteit over, wordt er ergens wel een schuldige gevonden. De ‘grote corruptie’, die onder president Weah welig tiert, gaat tot nu toe vrijuit. Het in maart verschenen rapport van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van de VS is zeer kritisch over de corruptie en praktisch alle andere aspecten van de mensenrechtensituatie in Liberia.

Een citaat: The law provides criminal penalties for bribery, abuse of office, economic sabotage, and other corruption-related offenses committed by officials, but the government did not implement the law effectively. There were numerous reports of government corruption. Officials frequently engaged in corrupt practices with impunity.


President Weah steeds meer in het nauw


Weah zelf lijkt ook steeds meer in het nauw te komen. Zijn gebrek aan daadkracht, de coterie van ex-warlords en corrupte ex-politici die hij om zich heen verzamelt, de uitbreiding van zijn onroerend goed portefeuille, en de raadselachtige dood van enkele functionarissen die teveel van hem zouden weten, doen zijn positie en populariteit steeds meer verzwakken. De uitslag van de in december 2020 gehouden Senaatsverkiezingen wijzen daar ook op. Van de vijftien zetels die er te winnen waren gingen er elf naar de oppositie.

Rechtvaardige sociale en economische ontwikkeling, versterking van de democratie, bestrijding van de corruptie, respect voor mensenrechten: er is veel te doen in Liberia. Ik was er, zoals vaker de laatste jaren, om bij te dragen aan de activiteiten van NDI: een beter functioneren van politieke partijen (zie mijn voorgaande blogs). Dat programma houdt binnenkort op – al zal het waarschijnlijk een vervolg krijgen - en een aantal zaken moesten daarom afgehandeld worden. Daar valt weinig spectaculairs over te vermelden. Anders dan dat, net als in de rest van de wereld, de nodige veranderingen langzaam gaan. 

zaterdag 13 maart 2021

Nu verkrijgbaar: This, Too, is Liberia

Het vorige bericht uit Liberia maakte gewag van het verschijnen van een nieuwe boek over Liberia, iets dat niet vaak voorkomt. 

Het betreft: 'This, Too, is Liberia' een verzameling artikelen, geschreven door Tom Kamara, de bekendste Liberiaanse journalist.

Zie hier voor meer informatie.

Het boek is nu verschenen - en uiteraard te bestellen. Het kost €25.

Je kunt het boek bestellen door een e-mail te sturen aan: mailto:tomkamarafoundation@gmail.com.

Je krijgt dan een betaallink toegestuurd. Verzendkosten hoef je niet te betalen.

Als u de plaatselijke boekhandel ook wilt steunen kunt u het boek aldaar bestellen. 

This, Too, is Liberia, Selected writings of the renowned Liberian journalist Tom Kamara

272 blz –ISBN 9789461231321




woensdag 20 januari 2021

This, Too, is Liberia, selected writings of Tom Kamara

Binnenkort verschijnt 'This, Too, is Liberia' met een verzameling artikelen, geschreven door Tom Kamara, de bekendste Liberiaanse journalist. Hij stond bekend om zijn scherpe, gevreesde en bewonderde pen. Hij gebruikte zijn pen als een wapen om op te komen voor mensenrechten, democratie en sociale ontwikkeling in een van de donkerste perioden van zijn land. Zijn creatieve schrijfstijl is een mix van feitelijkheid, ironie en diepgang, wat zijn artikelen bijzonder lezenswaardig maakt.

 

Tom Kamara

Tom Kamara is de oprichter van de New Democrat, een krant die tijdens de dictatuur van Charles Taylor letterlijk en figuurlijk onder vuur werd genomen, maar nog steeds springlevend is. Hij schreef tijdens zijn leven (1949-2012) een groot aantal artikelen in deze krant. Tijdens de Liberiaanse burgeroorlogen (1990-2003) werd hij gedwongen Liberia te verlaten en vond hij in Nederland zijn tweede huis. Tijdens die periode schreef hij voor het online magazine The Perspective dat door de Liberiaanse diaspora in de VS wordt uitgegeven. In 2003 keerde hij weer terug naar Liberia en zette zijn journalistieke arbeid voort, totdat hij plotseling in Brussel, op weg naar Nederland voor een medische behandeling, in 2012 overleed.

Van de honderden artikelen die hij heeft geschreven zijn er 53 geselecteerd voor 'This, Too, is Liberia'. Deze 53 artikelen zijn over vijf onderwerpen verdeeld. De tijdperken van de presidenten Samuel Doe, Charles Taylor en Ellen Johnson-Sirleaf. Verder behandelt een hoofdstuk de vaak gespannen relatie tussen Liberia en het door velen als 'moederland' beschouwde Amerika. Het vijfde hoofdstuk staat vooral stil bij ontwikkelingen in andere Afrikaanse landen.

De Nederlandse Liberia-kenner Fred van der Kraaij gaat in een uitvoerige inleiding in op de persoon en het werk van Tom Kamara. Het boek wordt afgesloten met een viertal artikelen over het leven van Tom Kamara, waarvan er twee zijn geschreven door Liberianen die hem goed hebben gekend. Jimmy Shilue, die ook een paar jaar in Nederland heeft gewoond – en daar herinneringen over Tom ophaalt – en Siahyonkron Nyanseor, die in de VS woont, uitgever is van The Perspective, en mét Tom Kamara een strijder voor vrede en voorspoed in Liberia.

 


'This, Too, is Liberia', geeft een rijk beeld van de recente geschiedenis van dit West-Afrikaanse land, dat nog steeds worstelt met problemen die nauw samenhangen met die geschiedenis. Door verkoop in Europa en de VS hopen wij het (Engelstalige) boek betaalbaar te maken voor studenten in Liberia, want er is een groot gebrek aan boeken over de recente geschiedenis van Liberia.

Het boek is een initiatief van de Rachael Kamara, weduwe van Tom Kamara, Jimmy Shilue en Leo Platvoet en wordt uitgegeven door de Tom Kamara Foundation. Het is in Nederland geproduceerd, maar zal (ook) zijn weg vinden naar Liberia en de VS.

Het boek kost 25 euro.

Je kunt het boek bestellen door een e-mail te sturen aan: mailto:tomkamarafoundation@gmail.com. Je krijgt dan een betaallink toegestuurd. Verzendkosten hoef je niet te betalen.

 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

This, Too, is Liberia, Selected writings of the renowned Liberian journalist Tom Kamara

272 blz – ISBN 9789461231321


zondag 2 februari 2020

Gaat het asfalt president Weah redden?

President Weah heeft afgelopen maandag zijn Annual Message aan het parlement meegedeeld. Zeg maar de troonrede, waarin hij de plannen van dit jaar uiteenzet en af en toe terugkijkt. Taaie kost, 24 pagina’s van papier voorgelezen, zonder enig swing, vibe of kwinkslag.
Opmerkelijk, niet zozeer vanwege de inhoud, maar vanwege het protocol, was het begin. Zoals gebruikelijk begroet hij alle aanwezigen door hun functies te noemen. Een rij van maar liefst negentien titels (parlementariërs, rechters, stamhoofden enz.) passeert de revue, waar hij zeker vijf minuten mee bezig is. Maar hij begint met Madam Clar Marie Weah, First Lady of the Republic of Liberia. De enige naam die valt. Zijn vrouw dus! Een dame zonder enige politieke of bestuurlijke betekenis, die hij elke dag aan de keukentafel ziet.
Minstens zo opmerkelijk was het slot. Deze keer wel vanwege de inhoud. Hij neemt namelijk zijn hoed van president af en zet zijn CDC-pet op: die van leider van de Coalition for Democratic Change. En speekt direct het volk – of eigenlijk zijn kiezers- toe:
I would now like to break with tradition, and speak directly to the Liberian people. (…)
My fellow Liberians, it has been just over twenty-four months since you voted me and the
Coalition for Democratic Change into office. Before that resounding victory, we were all out
there together in the political wilderness, struggling for social justice, and for improvement in our economic conditions, improvement in our lives and livelihoods, and hoping for a brighter future for ourselves and our children.
Hij houdt een minuut of acht een post-verkiezingstoespraak. Hij biedt zijn verontschuldigingen aan dat het allemaal anders loopt dan gedacht, hij toont begrip voor het ongeduld en belooft dat het allemaal beter zal gaan. Daarna maakt hij diepe kniebuigingen voor de internationale gemeenschap: during the first trimester of my tenure, they have worked closely with my Administration, and have been convinced of our sincerity and determination to provide a better life for the Liberian people, and have accordingly responded in a positive manner.

George Weah
Toffe peer

Als argeloze buitenstaander zou je zeggen: toffe peer. Hij houdt van zijn vrouw en gaat door het stof vanwege de vele verkiezingsbeloften die niet zijn gerealiseerd. Beide zie ik Rutte niet zo gauw doen. Maar zo simpel ligt het natuurlijk niet. Liberia verkeert economisch, politiek, en sociaal in een diepe crisis. En Weah weet tot nu toe daar geen enkel begin van een oplossing voor te vinden. Lange tijd dacht ik, die man zelf deugt wel, maar hij is omringd door nogal wat slechteriken, die corrupt zijn en in de Taylor-tijd al aan de verkeerde touwtjes trokken. Wat altijd al werd gezegd lijkt uit te komen: een wereldvoetballer, maar van goed bestuur geen kaas gegeten. Talloze geruchten doen de ronde over zelfverrijking van zijn entourage, inclusief hemzelf. Het is lastig in dit zo geruchtenrijke land de kern van waarheid te vinden.
Weah kreeg toen hij begin 2018 aantrad een land te besturen met diepe, niet gedichte sporen van een dertien jaar durende burgeroorlog, met een ongekende ebolacrisis achter de kiezen, met een economisch beleid van zijn voorganger, Ellen Johnson-Sirleaf, die er in twaalf jaar niet in slaagde enige betekenisvolle verbetering aan te brengen in het leven van de grote, arme massa. De corruptie is nog steeds ongekend hoog -en onbestraft-, de staatskas is bijna leeg, en in 2019 zijn de totale inkomsten van de staat opnieuw gedaald. Deze keer met $35 miljoen. De totale inkomsten bedroegen $445 miljoen. Even in perspectief: de Nederlandse staat heeft met 4x zoveel inwoners 5000x zoveel inkomsten. Over arm en rijk gesproken.

(En toch is Liberia geen arm land, zoals ik al vaak in dit blog heb gescheven. Het is rijk aan grondstoffen (ijzer, hout, palmolie, rubber, cacao) maar de politieke elite geeft die liever voor een appel en een ei weg met langdurige concessies aan buitenlandse ondernemingen (snel geld cashen) in plaats van het geduldig een economische structuur op te bouwen en Liberianen te scholen met behulp van concessies die tijdelijk zijn en ontwikkeling garanderen.)

De verjaardag van Charles Taylor werd gevierd

Politiek gezien gaat het ook niet lekker, om het maar zachtjes uit te drukken. Een van de coalitiepartijen is de National Patriotic Party (NPP) van ex-president/warlord Charles Taylor, die in Engeland een straf van vijftig jaar uitzit. Zijn ex-vrouw Jewel Howard-Taylor, die veelzeggend altijd zijn naam is blijven gebruiken, is partijleider en vice-president. De laatste weken waren er toenemende geruchten -en in een interview gaf ze dat ook toe- dat er aan haar stoelpoten was gezaagd door mensen uit de entourage van Weah. Haar partij roert zich de laatste weken stevig. Partijvoorzitter Cyril Allen, die dat al was ten tijde van Taylor, hield op 28 januari een toespraak in het NPP-kantoor ter viering van de 72ste verjaardag van Charles Taylor. Hij waarschuwde zijn coalitiegenoten Jewel Howard-Taylor te respecteren en voegde daar, toch wat dreigend, zonder bewijsmateriaal, aan toe dat de NPP ‘the most politically broad-based party in the country’ is.

Jewel Howard-Taylor is weer 'taking control' (graphic: Frontpage Africa)
Pro Poor Agenda

In zijn Annual Message moest Weah natuurlijk wel aandacht besteden aan de Pro Poor Agenda for Prosperity and Development (PADP). Dit is de vertaling van zijn belofte aan de kiezers dat hij een president van de armen zal zijn. Het is een nauwelijks verkrijgbaar boekwerkje, dat wel online staat, waarin hij zijn plannen ontvouwt. Ik heb daar al eerder een blog aan gewijd.
Opmerkelijk is dat hij in zijn Annual Message uitsluitend over de aanleg van wegen rept. Dat is weliswaar een van de onderwerpen in de PADP, naast gezondheidszorg, onderwijs, goed bestuur en het aanjagen van de economie. Maar daar besteedt hij nauwelijks aandacht aan. De bestrijding van corruptie komt alleen met enkele plichtmatigheden aan de orde.
Zonder enige onderbouwing wordt aangenomen dat het asfalteren van de bestaande ‘hoofd’zandwegen het volk welvaart zal brengen. Maar liefst twintig projecten worden benoemd, in het binnenland, maar ook in de hoofdstad Monrovia. Uiteraard zijn wegen belangrijk om mensen en goederen efficiënt te vervoeren. Maar dan moet er wel een economische ontwikkeling komen, al is het maar een eerste begin, die een productie genereert die de behoefte van het dorp overstijgt. Want dat is de grote makke van Liberia: zowel de maakíndustrie (meubels bijvoorbeeld) als de landbouw produceren alleen op traditionele wijze op kleine schaal voor de lokale behoefte. Er is ook nooit serieus onderzocht wat de twee goed geasfalteerde wegen (Monrovia-Ganta en Monrovia-Buchanan), die er een jaar of vijf liggen,  nu aan economische spin-off hebben opgeleverd. Hoewel, dat onderzoek is eigenlijk niet nodig, want het antwoord is duidelijk: niets. Van die economische zones die door een of ander adviesbureau waren voorgespiegeld, asfaltwegen omlijst door bedrijvigheid, is niets terecht gekomen.
Maar die wegen zullen niet allemaal gerealiseerd worden. Daar zijn namelijk tientallen miljoenen dollars voor nodig die door internationale donors opgehoest moeten worden. Dat dit niet automatisch zal gebeuren is ook Weah duidelijk. Deze week berichtte Frontpage Africa dat de consultancy KRL International voor een jaar in de armen is gesloten om voor het realiseren van de PAPD (voorlopig dus asfalt) sponsors en investeerders te vinden. Ditzelfde Amerikaanse bureau (missie: Boutique consulting with a global reach) adviseerde ook de vorige, door de CDC fel bekritiseerde, president Johnson-Sirleaf bij haar geslaagde pogingen om internationale schulden kwijtgescholden te krijgen. Ook hier gaan de kosten voor de baat uit. Volgens FrontPage Afrika kosten de topconsultants van dit Amerikaanse bedrijf zo’n zo’n $25.000 per maand. 


Oppositie kritisch en sterker in het parlement

De oppositiepartijen, die ook een coalitie hebben gevormd (Collaborating Political Parties, CCP), waren uiterst kritisch. Hun woordvoerder, Alexanders Cummings, bekritiseerde Weah dat noch voor de korte noch voor de langere termijn zijn voorstellen enig soelaas bieden om het land vooruit te helpen. Hij schetste een somber, maar terecht beeld: ‘Our economy is in terrible shape. Prices on goods and services, from rice to transportation are increasing daily. Unemployment, particularly youth unemployment continues to increase. Teachers, nurses, doctors and civil servants are not being paid on time. Liberians have to stand in long queues at banks to withdraw Liberian Dollars like we are a bankrupt country and now we are in longer queues to get petroleum products due to shortage on our market. The crime rate, to include incidence of rape, armed robbery, etc has increased’.
In deze coalitie zijn drie partijen vertegenwoordigd: het Alternative National Congress (ANC), van Cummings, de All Liberian Party (ALP), de Liberty Party (LP) en de Unity Party (UP). Maar ook deze coalitie zal erg zijn best moeten doen om bij kiezers vertrouwen te winnen. De UP was tussen 2006 en 2018 de slecht presterende regeringspartij van president Johnson-Sirleaf. De ALP wordt geleid door Benoni Urey, ooit, zoals zovelen, een bondgenoot van Charles Taylor. De LP heeft sinds kort een nieuwe, vrouwelijke aanvoerder, senator Nyonblee Kargar-Lawrence. En de ANC wordt geleid door Cummings, de man die bij de presidentsverkiezingen, waar hij 7,2% scoorde, voor velen de meest verstandige indruk maakte.
Deze oppositiecoalitie heeft in het Huis van Afgevaardigden 27 zetels, 6 meer dan de CDC (van de in totaal 73). De agenda van Weah heeft dus bij lange na geen meerderheid in het Huis. Datzelfde geldt in nog meerdere mate voor de Senaat, waar Weah met zijn CDC 9 zetels heeft en de oppositiecoalitie 14 (van de 30). Nu is partijtrouw niet diepgeworteld in Liberia. Parlementariërs stappen makkelijk over naar een andere partij, en elke president in Liberia heeft er een handje van om met geld stemmen te kopen. Of de coalitie dus eensgezind haar parlementaire macht zal gebruiken om haar kritische woorden om te zetten in politieke daden is afwachten
In oktober zijn 15 van de Senaatzetels in handen van de kiezers. (Elk van de 15 provincies levert 2 senatoren, 1 zetel per provincie staat in oktober op het stembiljet.) De CDC verloor vorig jaar in augustus bij de tussentijdse verkiezing haar Senaatszetel in Montserrado, de provincie waar de hoofdstad Monrovia ligt, normaal gesproken een CDC-bolwerk. Het worden moeilijke tijden voor de vijftien CDC-kandidaten. Tenzij die 20 wegprojecten, die vrij keurig over het land zijn verdeeld, de kiezers over de CDC-streep trekken.   

Aan de wegen moet wel iets gebeuren...


zaterdag 25 januari 2020

Werken aan een eerlijke politiek


Het was een mooie leerschool voor dertig ambitieuze leden van de vijf grootste politieke partijen in het West-Afrikaanse Liberia. De straat op gaan met een vragenlijst. Over corruptie, de kwaliteit van het onderwijs en van de gezondheidszorg. En dan vragen aan voorbijgangers wat ze ervan vonden. Dat leverde soms verrassende antwoorden op. En vaak ook niet. Dat de meeste mensen denken dat corruptie praktisch nooit wordt aangepakt en bestraft, is niet zo verwonderlijk in een land waar de politie en het rechtssysteem als de meest corrupte overheidssectoren worden gerekend. Of dat de meeste mensen in het geval van nood moeten lopen naar een ziekenhuis. En dat de kwaliteit van de leraren niet hoog wordt aangeschreven. Dat is allemaal niet zo verwonderlijk in dit land , waar 64 % onder de armoedegrens leeft, het gemiddelde inkomen per inwoner €2 per dag is en 40% analfabeet is, zoals cijfers van de Verenigde Naties laten zien. Verrassend was dat de meeste mensen toch nog steeds van de regering verwachten dat zij de problemen oplossen.


Luchtfietserij

Dat is verrassend en hoopgevend. Verrassend omdat je zou denken dat na tientallen jaren van wanbeleid, burgeroorlog, ebola en corruptie mensen de hoop opgeven dat de politiek er nog -in positieve zin-  toe doet. Dat zij blijkbaar vinden dat ‘de politiek’ er een puinhoop van heeft gemaakt, maar tegelijkertijd dat ‘de politiek’ erin zou moeten slagen om het tij te keren. Een soort politieke Houdini-act. En dat is dan ook hoopgevend. Althans voor die mensen die erin blijven geloven dat uiteindelijk de democratie, de mensenrechten en de rechtstaat moeten overwinnen.
De geloofwaardigheid terugbrengen in de politiek was het – ongeschreven- thema van een tweedaagse training die ik -mede- gaf aan dertig ambitieuze, gemotiveerde partijleden in Monrovia, de hoofdstad van Liberia. Op het programma stonden zaken als hoe kun je een politiek ontwikkelen die aansluit bij de behoeften van de bevolking, hoe pak je dat dan aan, waar vind je de argumenten en cijfers om je voorstellen te onderbouwen en wat heb je nodig om dat ook gerealiseerd te krijgen. Het gevaar bij zo’n aanpak is dat de luchtfietserij tot grote hoogte kan stijgen. Wat in werkelijkheid ook volop gebeurt. De beloften die de in 2017 gekozen president George Weah -en zijn Coalition for Democratic Change – waren zo torenhoog, dat je daarna alleen maar diep kunt vallen. En dat is precies wat er nu gebeurt.
En dus vlochten wij een dikke rode draad door deze training: wees ervan bewust dat uiteindelijk de kiezers de jury zijn van je politieke daden. Koester je idealen, werk aan concrete voorstellen en veranderingen, maar begrijp dat als je luchtkastelen belooft de kiezers je zullen afrekenen.

Leuk bericht uit Tanzania
Hoogdravende woorden

Nogal hoogdravende woorden die we verpakten in discussies, voorbeelden en praktische oefeningen, waarvan de straat op gaan er dus een van was. Gewapend met een vragenlijst die ze in hun eigen partijgroep hadden opgesteld. Gebaseerd op een aanname dat corruptie, gezondheidszorg en onderwijs dé grote problemen zijn waar mensen mee kampen. Maar dat zou natuurlijk wel eens heel anders kunnen uitpakken. De komende weken gaan de deelnemers, uiteraard opgesplitst in partijgroepjes, dat ondervinden als ze in de verschillende districten van Monrovia gaan uitzoeken wat de problemen zijn. Wat de mensen ‘in de wijken’ daar zelf over zeggen, wat voor oplossingen zij hebben en hoe er samengewerkt kan worden om samen een vuist te maken. En hoe uiteindelijk de parlementariërs van hun eigen partijen er echt werk van gaan maken. Uiteraard kun je dan niet om de belabberde economische situatie heen. Een praktisch lege staatskas en een inflatie van rond de 30% in 2019. Maar dan nog kunnen – en moeten - er keuzen gemaakt worden, die op een eerlijke manier uitgelegd moeten worden. Maar daarover een volgend blog.


    

maandag 2 december 2019

De Drakendochter en Liberia: onverwerkt verleden, ongemakkelijk heden, onzekere toekomst


Het is altijd leuk als er in Nederland een boek verschijnt over Liberia. Mede omdat het zeer weinig voor komt. En dus kocht ik voor ik het vliegtuig in stapte naar Monrovia het zojuist verschenen Drakendochter van Clarice Gargard. Zij is een spraakmakende columniste van NRC/Handelsblad, een in de VS geboren Liberiaanse die op jonge leeftijd in Nederland verzeild raakte. Dat had uiteraard te maken met de burgeroorlog. Zij is in 1988 geboren en heeft de burgeroorlog (1990-2003) niet bewust meegemaakt. Haar vader woonde echter praktisch al die tijd -en nog steeds- in Monrovia en was lange tijd directeur van de Liberia Telecommunication Corporation, een staatsbedrijf. Hij diende onder de presidenten Doe (1980-1990, die in 1980 de macht greep via een militaire coup), Amos Sawyer (1990-1994, interim-president) en warlord/president Charles Taylor (1997-2003). De drie tussenpausen tussen 1994 en 1997 laat ik ongenoemd. Omdat haar vader een hoge positie had, vroeg zij zich in toenemende mate af, hoe schuldig, dan wel medeverantwoordelijk hij was voor de wandaden van name Charles Taylor. De ondertitel van het boek luidt dan ook ‘Op zoek naar mijn vader, rechterhand van Liberiaanse dictator Charles Taylor.’ Over deze zoektocht maakte ze al een documentaire (Daddy and the Warlord/De waarheid over mijn vader) die in het voorjaar al op de TV te zien was en een Gouden Kalf won. Zie hier de trailer.

Achterflap van 'Drakendochter'.
Van Philadelphia naar Purmerend

In een film kun je niet alles kwijt. Regisseurs, hoe aardig en motiverend ook, snijden er toch op los, vandaar dat dit boek er kwam. Het boek is gelaagd, zoals dat tegenwoordig schijnt te horen. Ze vlecht verschillende verhalen door elkaar heen: de geschiedenis van Liberia, haar persoonlijke familiegeschiedenis, het huidige Liberia, de zoektocht naar haar vader en haar opvattingen over migratie, kolonialisme en racisme. Dat maakt het tot een wat lastig te lezen boek waarin de chronologie heen en weer flippert. Dat het goed geschreven is helpt om de aandacht vast te houden.
Maar is het ook een goed boek? Dan kom ik met die verschillende lagen toch in de knoei.
Het persoonlijke verhaal is zonder meer boeiend. Geboren in Philadelphia,  na een kort verblijf als baby in Liberia weer terug naar de VS, daarna naar Ghana, weer naar Liberia en in 1992, als de burgeroorlog in Liberia blijft voortduren, wordt ze door haar vader, inmiddels gescheiden, met haar oudere zus naar Purmerend gebracht.

De niet voor niets gepantserde auto van Charles Taylor, tentoongesteld
achter het Nationale Museum in Monrovia.
Ik ga mijn hand nooit meer wassen

In 1997, ze is dan negen jaar, bezoekt ze haar vader in Liberia. Charles Taylor is dan net tot president gekozen. Ondanks zijn reputatie als warlord werd hij door een meerderheid van de kiezers gezien als man die orde en voorspoed zou brengen na de chaos die hij overigens zelf had geschapen. Ze beschrijft hoe Daddy, zoals ze haar vader consequent in het boek noemt, haar meeneemt naar het huis van Charles Taylor en haar aan hem voorstelt. ‘In het midden stond een chaise longue. De persoon die erop lag voelde zich niet gedwongen om de stilte te verbreken of om zelfs maar op te staan. Aan weerzijden van de bank stonden beveiligers. ‘Clarice, ontmoet de president van Liberia.’ Zo stelde Daddy mij voor aan Charles Taylor, president en warlord. Ik aanvaardde zijn hand (…).’ Haar vader schrikt als ze een beetje brutaal is, maar Taylor moet hartelijk lachen en stuurt haar met een paar dozen koekjes de deur uit. ‘Ik ga mijn hand nooit meer wassen.’ zegt ze als ze met haar vader wegloopt. Het boek is gelardeerd met herinneringen aan haar familie en haar verblijf in 2018 als ze terugkeert om op zoek te gaan naar wat haar vader bewoog. De geuren en kleuren, de markten en straathandel, de vaak vriendelijke mensen die, als ze wat ouder zijn, met het trauma van de burgeroorlog hebben leren leven, of niet.

Amos Sawyer
Zo glad als en aal

De zoektocht naar de diepere beweegredenen van haar vader om op zijn post te blijven, het centrale thema van de film en het boek, levert jammer genoeg weinig op. Dat komt niet door de dochter Clarice, maar door de vader. Daddy blijft ongrijpbaar. ‘Zo glad als een aal’. Hij laat nooit het achterste van zijn tong zien en doet uitspraken over de presidenten die hij gediend heeft als ‘ze waren allemaal slecht’. Op vele manieren probeert ze familieleden, voormalige collega’s en partijgenoten van Taylor uitspraken over Daddy te ontfutselen, maar dat blijft hooguit steken in algemeenheden. Op een persoonlijke manier praten met iemand over wat er gebeurd is tijdens de burgeroorlog, blijft een moeilijk iets in Liberia. Dat is mijn ervaring als witte buitenstaander, maar ook haar ervaring als Liberiaanse ‘buitenstaander’, die het niet zelf heeft meegemaakt.
Ze gaat wat dieper in op het ‘hoogverraad’ van Daddy: hij zou informatie van de interim-regering van Amos Sawyer (1990-1994) hebben gelekt aan -toen- rebellenleider Taylor om zijn strijd tegen de regering van Sawyer te steunen. Sawyer kwam daar achter en liet haar vader arresteren. De rechtszaak leidde tot niets, onduidelijk blijft waarom precies, maar dat is een euvel dat tot op de dag van vandaag voortduurt. Ze beschrijft nog een geheel ander akkefietje tussen Taylor en Sawyer: zij zouden hebben samengespand om ijzererts op de zwarte markt te verkopen en zo hun zakken te vullen. Haar vader zou communicatie tussen die twee hierover hebben onderschept. En volgens Daddy, zo schrijft ze, ‘was dat de reden waarom Sawyer zo’n hekel aan hem had: hij beschikte over vernietigende persoonlijke informatie over de regeringsleider’. Tsja, dit is een van de redenen waarom ik af en toe moeite heb met de Drakendochter. Op vier verschillende plekken in het boek worden deze affaires genoemd, onduidelijk blijft wanneer precies en in welke volgorde ze plaatsvinden.  Bovenal lijkt het enorm tegenstrijdig: Daddy helpt Taylor in zijn strijd tegen Sawyer, maar ze spannen ook samen om hun zakken te vullen en Daddy kiest dan toch blijkbaar partij voor Taylor.


Bronnenlijst

Ergens schrijft ze: ‘Ik heb mensen vooral met angst over Doe horen praten.’ Hoewel ze vrij uitvoerig de wandaden van Taylor beschrijft, is dat zinnetje toch veelbetekenend. Veel van wat ze schrijft over de recente geschiedenis is van horen zeggen, en zonder bronvermelding. Zoals ‘Het volk had genoeg van de regering van Sawyer’. Zijn interim-regering, die zich alleen tot Monrovia beperkte, werd van alle kanten onder vuur genomen door vechtende, moordende en plunderende milities en kon inderdaad daardoor weinig uitoefenen. Sawyer, die er toch al niet te best van afkomt in dit boek, wordt door velen gezien (hij leeft nog) als een van de meest onkreukbare politici die Liberia heeft gehad. Heb ik dat van horen zeggen? Ja, maar wel met een bron: het in 2013 verschenen boek van de Nederlandse Liberia-kenner Fred van der Kraaij, Liberia: van vrijheidsideaal naar verloren paradijs. Dit, ook in het Engels vertaalde, boek is een van de zeer weinige, gedocumenteerde boeken over de recente geschiedenis van Liberia. Het is onbegrijpelijk dat dit boek niet in de Bronnenlijst van Drakendochter wordt vermeld. Evenmin wordt hét standaardwerk over de burgeroorlog en de relatie met de Afrikaanse religie en cultuur vermeld als bron: The Mask of Anarchy, The Destruction of Liberia and the Religious Dimension of an African Civil War van Stephen Ellis. Kent ze die boeken niet? Zo veel boeken zijn er niet over Liberia geschreven.


Zoals het ook vreemd is dat ze het zeer uitvoerige rapport van de Truth and Reconciliation Commission niet als bron noemt. Deze ‘waarheidsvinding commissie’ heeft in 2009 een uitstekend, 335 blz. tellend rapport over de burgeroorlog uitgebracht, op grond van verhoren en bronnenonderzoek. Inclusief een lijst van schuldigen die gestraft moeten worden. (Daddy komt daar overigens niet in voor). Clarice Gargard bepleit aan het eind van haar boek, terecht, alsnog een vorm van gerechtigheid voor de slachtoffers van de burgeroorlog. ‘Daar is meer voor nodig dan een commissie die haar beloften niet nakomt.’ Wat krijgen we nou? Die commissie kon natuurlijk geen strafvervolging instellen. Het lag op het bordje van toenmalig president Johnson-Sirleaf om met de adviezen van de commissie aan de slag te gaan. Zij borg het rapport echter zo snel mogelijk op in de onderste la die ze kon vinden. Waarom? Ze stond zelf op de lijst van ‘daders’ die op advies van de commissie 30 jaar geen openbaar ambt zouden mogen bekleden.  De lezer blijft verstoken van dit toch niet onbelangrijke detail.


Kolonialisme, racisme en discriminatie

Het boek kent ook een aantal passages over actuele discussies in Nederland over kolonialisme, racisme en discriminatie. Hoewel ik wel begrijp waarom ze op dit vlak haar mening kwijt wil, is de relatie met Liberia lang niet altijd duidelijk. Uiteraard beschrijft ze de tegenstelling in Liberia tussen de inheemse bewoners en de nakomelingen van de vrijgemaakte slaven die vanaf 1820 vanuit de VS naar West-Afrika ‘emigreerden’. Deze, aanvankelijk kleine groep, zou zich in rap tempo ontwikkelen tot de politieke, economische en culturele elite van Liberia, die de inheemse bevolking uitbuitte, kort hield en ruim 100 jaar allerlei rechten onthield. Er is de bekende theorie -en praktijk- van gevestigden en nieuwkomers, waarbij gevestigden allerlei mechanismen hanteren om die nieuwkomers dwars te zitten. Er is de bekende theorie -en praktijk- van discriminatie, uitsluiting, uitbuiting en geweld op basis van huidskleur. Er is de bekende theorie – en praktijk- van kolonialisme en imperialisme, waarbij grondstoffen worden geroofd en de lokale bevolking wordt onderdrukt. Laat in Liberia het nu allemaal net even anders liggen. In Liberia onderdrukten de nieuwkomers de gevestigden, beide van Afrikaanse origine. Liberia is niet door imperialistische mogendheden gekoloniseerd, toch is 90% van de bevolking straatarm omdat de elite de rijkdommen van het land (hout, palmolie, ijzererts, goud, rubber) tegen afbraakprijzen heeft verkocht aan westerse bedrijven. Het is jammer dat ze hierover niet in meer beschouwende zin haar licht over laat schijnen, in plaats van te refereren aan de zwart-wit discussies in Nederland (waarin ik het overigens met haar eens ben).
Gargard heeft ook kritiek op de ontwikkelingshulp: ‘De ontwikkelingshulp is een industrie waar bakken met geld verdiend kunnen worden, zonder dat de situatie in Afrikaanse landen aanzienlijk verbetert.’ En: ‘Het westen helpt ‘Afrika’ maar zou het niet efficiënter zijn als het westen Afrikanen helpt om zichzelf te helpen.’ Dit is werkelijk gemakzuchtige kritiek uit de oude doos. Het is al lang standaard voor verreweg de meeste hulporganisaties dat hulp is gericht op ‘skill building’ en ‘empowerment’ van Afrikanen in kwetsbare posities. Die bakken met geld (over populistisch taalgebruik gesproken) worden voor het grootste deel in die projecten gestopt, onder streng toezicht van de donoren. En helaas verdwijnt een deel in de zakken van de Afrikaanse elite.
Er staan nogal wat rare passages over Nederland in. Om er twee te noemen. Zo zou het ‘officieel beleid’ zijn in Rotterdam en Amsterdam om Surinaamse en Antilliaanse studenten in bepaalde wijken te weren om de blanke homogeniteit te waarborgen. Enige onderbouwing ontbreekt en deze geïnstitutionaliseerd apartheidspolitiek bestaat dan ook niet. De Bijlmer in Amsterdam, ontworpen tussen 1962 en 1965 (!), zou ‘impliciet’ bedoeld zijn voor ‘avontuurlijke witte mensen uit de middenklasse’ (cursief van mij, LP). Ik raad haar aan de bevolkingsstatistieken uit die jaren nog eens te raadplegen.


Onverwerkt verleden, ongemakkelijk heden, onzekere toekomst

Tot slot. Is Daddy nu schuldig of medeverantwoordelijk aan de misdaden van de presidenten die hij heeft gediend? De ondertitel van het boek ‘rechterhand van dictator Charles Taylor’ wordt in het boek niet gestaafd. Toen ik een Liberiaanse collega, die alle ellende van de burgeroorlog heeft meegemaakt, de voorkant van het boek met deze ondertitel liet zien, moest hij lachen. ‘Taylor had duizenden rechterhanden, die hij gebruikte als het hem uit kwam en weer even hard liet vallen’. De dochter komt er aan het slot van het boek ook niet uit. En zo loopt die ‘kleine’ geschiedenis van haar vader parallel met de ‘grote’ geschiedenis van Liberia: een onverwerkt verleden, met een ongemakkelijk heden en een onzekere toekomst.


Clarice M.D. Gargard: Drakendochter, Op zoek naar mijn vader, rechterhand van Liberiaanse dictator Charles Taylor, Uitgeverij De Arbeiderspers, €19,99.

maandag 25 november 2019

Het vertrouwen in president George Weah slinkt


Ik ben weer terug in Liberia voor een bijdrage aan het programma van NDI dat beoogt de politieke partijen beter te laten functioneren. Dat NDI-programma richt zich vooral op de vijf grootste partijen, die ieder een eigen adviseur hebben. Ik ben een van hen. Eerst wordt er van iedere partij op grond van vele gesprekken met partijbestuur, parlementariërs, jeugdafdeling en vrouwengroep een analyse gemaakt van de sterke en zwakke punten, de kansen en bedreigingen. Op grond daarvan is samen met hen een ‘modernization plan’ opgesteld met een aantal actiepunten ter verbetering. Dan moet je denken aan een goede interne communicatie tussen de verschillende partijgeledingen, hoe zet je een goede ledenadministratie op, wat moet er gebeuren om er een democratische ledenpartij van te maken en, heel belangrijk, hoe zorg je ervoor dat het programma van een partij niet een serie loze, algemene beloften is, maar herkenbare, concrete veranderingen biedt, waar je je als partij na de verkiezingen ook aan houdt. Nu gelden dit soort punten voor veel partijen in veel landen. Zo moet er bijvoorbeeld in mijn eigen partij (GroenLinks) wel het een en ander veranderen om er een democratische ledenpartij van te maken. Maar in Liberia geldt voor de meeste partijen dat op alle vlakken stappen gezet moeten worden. Voor de partij die ik adviseer is zo’n ‘modernization plan’ ontwikkeld en aanvaard – en worden de eerste activiteiten nu ontplooid. Zoals bijv. het opstellen van een reglement van de parlementaire fractie, die nu als los zand aan elkaar hangt, en het ontwikkelen van een activiteitenplan voor de fractie voor 2020: welke belangrijke onderwerpen (werkloosheid? gezondheidszorg? onderwijs? corruptie?) moeten er met parlementaire initiatieven worden aangepakt. Het is mooi en nuttig om op deze wijze bij te dragen aan de versterking van de democratie in een land als Liberia, al gaat het met vallen en opstaan, met een stap vooruit en soms twee stappen terug. Maar daarin is dit land niet uniek. Vraag maar aan Rutte. Echter, de problemen zijn wel onvergelijkbaar met die van Nederland. Om een voorbeeld te noemen. Waar het in Nederland gaat om hogere salarissen van leerkrachten in het basisonderwijs, gaat het in Liberia om boeken in de klas, leraren die het vak beheersen (én zelf kunnen lezen en rekenen) en het uitbannen van seks of geld voor een hoger cijfer.

De auto's van de voormalige presidenten (v.l.n.r.) Doe, Taylor en Tubman
tentoongesteld achter het Nationaal Museum in Liberia
Pro-Poor Agenda for Prosperity and Development

De politieke situatie is fragiel. President George Weah is weliswaar met een fors kiezersmandaat in 2017 (ruim 61,5% van de stemmen) gekozen voor een periode van 6 jaar, maar zijn partij, de Coalition of Democratic Change (CDC) heeft noch in het Huis (Tweede Kamer), noch in de senaat de meerderheid. Weah, die niet bekend staat als een krachtig bestuurder, heeft een aantal mensen om zich heen benoemd (ministers, adviseurs, voorzitters van overheidsinstanties), vaak meer ingegeven door politieke motieven dan dat ze er iets van kunnen bakken. En het grootste probleem is dat hij niet kan waarmaken wat hij voor de verkiezingen heeft beloofd. Nu is dat niet verwonderlijk. Het overheidsbudget is zeer bescheiden ($511 miljoen, begrotingsjaar 2019-2020), belastingen in een land met massale werkloosheid en een negatieve handelsbalans brengen weinig geld in de schatkist. De inflatie is hoog: toen ik in 2012 arriveerde was de waarde van de Amerikaanse dollar 75 Liberties (de Liberiaanse dollar) en nu is die 194. Weah heeft een zeer ambitieuze Pro-Poor Agenda for Prosperity and Development  (PPAD) gepresenteerd die zich uitstrekt tot 2023, inclusief financiering ($3,5 miljard over 5 jaar) . Dat is op zich prima, maar voor 2019-2020 is er $548 miljoen nodig die praktisch geheel door de internationale gemeenschap zou moeten worden opgebracht. In de meerjarenraming daalt die internationale hulp tot 462 miljoen in 2022/2023 en stijgt de belastingopbrengst van 430 naar 560 miljoen. Tegelijkertijd stijgt het te begrote tekort van de PPAD van $116 miljoen dit jaar tot $264 miljoen in 2022/2023. Je hoeft geen econoom te zijn (dat ben ik niet, al was mijn bijvak op de UvA Het Kapitaal van ene K. Marx) om te begrijpen dat een ambitieus plan dat op papier gedekt is door onzekere internationale hulp, stijgende belastingopbrengsten van een labiele, kleine economie én een toename van een (ongedekt) tekort, weinig kans van slagen heeft.
Dát is dan ook het grote risico dat deze regering met dit plan neemt, en de CDC haar daarin steunt, door veel te beloven, maar niet duidelijk te maken wat er allemaal nodig is over een periode van 5 jaar om dat te realiseren. De verwachtingen moeten dus getemperd worden en tegelijkertijd zou er ingezet moeten worden op enkele belangrijke onderwerpen waar zichtbaar resultaat kan worden geboekt én die een positief effect hebben op andere beleidsdoelen. Landbouw en onderwijs lijken mij die prioriteiten.

Het budget van de Pro-Poor Agenda per sector voor de jaren 2018/2019 - 2022/2023
Het vertrouwen slinkt

Het gevolg is dan ook dat het vertrouwen in Weah en zijn CDC slinkt. Dat bleek al bij de verkiezingen in juli van de vacant gekomen senaatszetel in Montserrado (de provincie waar de hoofdstad Monrovia in ligt). Dit is een bolwerk van de CDC, maar haar kandidaat behaalde 35%, terwijl de winnaar, Darius Dillon, de kandidaat van de samenwerkende oppositiepartijen, 56% scoorde. Deze Dillon voert al jarenlang op Facebook oppositie tegen Weah onder de vlag van The Darius Dillon Center For Intellectual Exchange. Zijn Facebook-groep telt ca. 196.000 leden.
Verleden week verscheen het 6de jaarrapport van de lokale NGO Naymote (Partners for Democratic Development) waarin de perceptie van de Liberianen wordt gemeten van de kwaliteit van de overheid. Vond in 2018 64% van de respondenten dat het in Liberia de verkeerde kant uitgaat, nu is dat % gestegen tot 83.
Afgelopen vrijdag demonstreerden de werknemers van het nationale waterleidingbedrijf. Ze hebben vijf maanden geen salaris ontvangen en 7 maanden geen reiskostenvergoeding.
De Council of Patriots, die al eerder op 7 juni (zie mijn blog van 17 mei) demonstreerde en een petitie aan de regering aanbood, heeft nu op 30 december een Weah Step Down protest aangekondigd. Echter de steun van de oppositiepartijen lijkt nu weg te vallen, omdat Weah volgens hen een legitiem gekozen president is die in zijn termijn moet waarmaken wat hij heeft beloofd. En zo is het.
Zelfs de EconomicFreedom Fighters of Liberia (EFFL), zichzelf noemend  ‘a radical and socialist political institution’, en een belangrijke kracht achter de 7 juni demonstratie volgens de meestal goed geïnfomeerde krant Front Page Africa, is tegen de demonstratie van 30 december. Hun verklaring: ‘We have witnessed the death of thousands in other African Countries trying to force out a president. Here are few countries to reference; Tunisia, Egypt, Libya, Sudan and etc. (…) The EFFL has been taught to break the chain of ‘Usual Job Seeking’, ‘Haunt for Quick Cash’ and ‘Power Struggle’ under the canopy of the suffering masses. (…) we Liberians are not prepared to experiencing such situation in the name of masses struggle.’